Werkgeheugen
Het werkgeheugen is het kleine mentale kladblok dat vasthoudt waar je nu aan denkt. Er passen maar een paar dingen tegelijk in en het leegt zich snel, dus grote stapels nieuwe informatie lopen erover voordat je ze echt kunt gebruiken.
Zie het werkgeheugen als het bureau van je brein. Je kunt er een paar dingen op leggen en ermee werken. Maar het bureau is piepklein. Probeer een heel hoofdstuk er in een keer op te proppen en de spullen vallen van de randen voordat er iets blijft plakken.
Daarom werkt studeren in een grote wazige brok niet. Je werkgeheugen raakt vol, de nieuwe feiten duwen de oude eruit, en niets komt in het langetermijngeheugen. De stof opbreken in kleine stukjes houdt de belasting licht, zodat elk stukje ruimte heeft om te bezinken voor je verdergaat.
De truc is dus niet harder duwen. Het is minder tegelijk duwen. Kleine groepjes, een idee voor het volgende, korte gefocuste rondes. Zo werk je met je brein in plaats van ertegen.
Maya probeerde 30 anatomietermen in een keer te onthouden en bleef maar met een leeg hoofd zitten. Ze splitste ze in groepjes van 5 en leerde een groepje tegelijk. Dezelfde termen, maar nu bleven ze echt hangen, omdat ze haar werkgeheugen niet meer overbelastte.